De liefde voor PSV kent geen grenzen. In het geval van PSV-fan James mag je die uitspraak letterlijk nemen. Als hij vanuit Ierland naar Eindhoven emigreert, is een seizoenkaart voor PSV het eerste wat hij fixt.

Als kleine Ierse jongen groeit James Lowney op met voetbal. Zoals alle Ierse fans volgt hij voornamelijk Engelse clubs, met Liverpool als grote favoriet. De kopbal van Wim Kieft in ’88 staat nog vers in zijn geheugen. Als James ouder wordt, blijft het niet meer alleen bij Liverpool en reist hij heel Europa door om wedstrijden te zien. Engeland en Schotland, Italië, Duitsland en Spanje en later zelfs World Cups en Champion League finales. In 1998 is James in Nederland om in één week Ajax, Feyenoord en PSV toe te juichen. In Eindhoven ziet hij PSV winnen van Vitesse (3-1).

Naar Eindhoven

Bobby Robson was trainer dat seizoen en ik kende een paar voetballers; Luc Nilis, Joonas Kolkka, Joeri Nikiforov”, blikt James terug. “Ik was onder de indruk van een jonge kerel met de naam Van Nistelrooij, weet ik nog. Maar ik was vooral verrast door de goede sfeer in het stadion, terwijl PSV helemaal niet zo goed presteerde dat seizoen.” Dertien jaar later vindt James een baan bij ASML, in Eindhoven. “Ik dacht: leuk, dan heb ik daar meteen een club om te volgen. Ik was van plan gewoon toeschouwer te worden, niet zozeer fan. Maar PSV is hier zó onderdeel van de stad, van het leven. De club zit zo diepgeworteld in het wezen van de mensen hier. Al snel werd ook ik een echte PSV-fanaat.”

Excelsior uit

Sinds 2011 heeft James nog maar één thuiswedstrijd gemist en vanaf maart 2013 bezoekt hij ook elke uitwedstrijd. “Mensen vragen me weleens waarom”, lacht hij. “En ik snap dat uit naar Excelsior in december, of opgesloten zitten in het stadion van Willem II, niet voor iedereen het idee is van een leuk avondje uit. Bij de start van elk seizoen neem ik me steevast voor een paar uitwedstrijden te skippen en in plaats daarvan naar een wedstrijd in het buitenland te gaan. Maar als het puntje bij paaltje komt, eindig ik toch weer in Groningen, Heerenveen en ja, ook bij Excelsior. Waarom? Geen idee. Dat zal alleen een echte fan begrijpen.”

‘Boeruh’

Want een echte fan, dat is James. Ondanks dat hij de Nederlandse taal niet spreekt, laat staan Brabants dialect, en dus niet direct in het stereotype plaatje past. Wat maakt PSV voor hem zo bijzonder? “In tegenstelling tot voetbalclubs in Engeland, waar fans meer bezoekers zijn, voel je je bij PSV echt onderdeel van de club, van de community”, antwoordt hij. “De warmte en de openheid van de club zijn voor mij heel veel waard. Als ik vrienden in Ierland vertel dat je de spelers en coaches hier bij het trainingsveld gewoon kunt ontmoeten, of dat Toon Gerbrands meereist in de supportersbus, kijken ze me met grote ogen aan. Die dingen zijn in de Premier League absoluut ondenkbaar.” En als hij moest kiezen, PSV of Liverpool? “PSV, absoluut”, besluit de Ier. “Ik woon in de stad van PSV, ik voel de energie hier elke dag. En ook ‘Brabant’ en ‘Boeruh’ kan ik inmiddels, eindelijk, meezingen.”